Het blijft altijd weer een feest om een dagje maar liefst een paar dagen, naar Antwerpen te gaan.
Nou zou je denken dat ik graag met Willem doe en dat doe ik ook graag maar met vriendin Annet is het vaak nóg meer feest omdat wij kunnen slenteren en winkeletalages uren en uren kunnen bewonderen!
Antwerpen, of in het Frans Anvers, is de hoofdstad van de provincie Antwerpen en van het gelijknamige arrondissement, in Belgie. De stad ligt grotendeels op de rechteroever van de Schelde en heeft een uitgestrekt havengebied met internationaal vrachtvervoer. Het is na Rotterdam de tweede haven van Europa. Van groot economisch belang is de petrochemische bedrijvigheid bij Antwerpen. De stad is ook een wereldcentrum voor diamanthandel.
De inwoners van Antwerpen worden wel Sinjoren genoemd, naar het Spaanse woord señor. De stad zelf wordt door sommige van haar inwoners afgekort ‘t Stad en soms de koekenstad genoemd, dit laatste vanwege de vele koekenfabrieken in Antwerpen. De Beukelaer en Parein waren daarvan de bekendste.
Antwerpen is qua inwonertal de grootste gemeente in België, heeft dus meer inwoners dan de gemeente Brussel.
In het stadswapen van Antwerpen wordt een versterkte burcht afgebeeld. Daarboven bevinden zich twee losse handen. Deze moeten niet als een verwijzing naar de legende van het ‘handwerpen’ worden gezien. Eerder schijnen deze handen oude symbolen voor de rechten van de vorst op de Schelde en van de voorrechten van de stad te zijn, namelijk het recht van stapel en opslag enerzijds en tolvrijheid en geleide op de Westerschelde anderzijds.
Er is altijd wel plek in een hotelletje ergens in Antwerpen en nooit zijn ze al te ver lopen van het centrum als je al niet midden in het centrum zit.
Antwerpen is ook best een culinaire stad. Goed eten, veel drinken, bonbons voor de chocolade liefhebber hebben ze er te over maar ook worden er op straat (nou ja) Brusselse wafels verkocht!
Er is genoeg te zien in Antwerpen maar slenteren door alle steegjes en over grote pleinen heeft toch wel mijn voorkeur. Alles komt dan vanzelf op je af.
Eenmaal hebben we Antwerpen doorkruist met een koetsje. Ook erg leuk om te doen!
Met Willem samen ontdekte ik de prachtige bioscoop in Antwerpen met zijn hemelplafond vol sterrretjes. We zagen er The curious case of Benjamin Button.
Met Annet leerde ik de Joodse buurt kennen. De Joodse buurt in Antwerpen ligt ingesloten tussen het Centraal Station en het Stadspark van Antwerpen. De wijk wordt ook wel aangeduid als het Jeruzalem van het Noorden. In dit gebied wonen en werken veel orthodoxe joden die eigen winkeltjes hebben. Ook veel synagogen (gebedshuizen) bevinden zich hier. Zo’n 85% van de diamanthandel is in handen van de Joodse gemeenschap.
We ontdekten de Lange Wapper. Lange Wapper is een plaaggeest die in Antwerpen in allerlei volksverhalen opduikt. Volgens legenden uit de 16e eeuw vertoeft Lange Wapper graag in de buurt van water. Het liefst doolt hij langs de oevers van de Schelde.
Lange Wapper kan zichzelf zo klein als een kind maken, of zo groot als een reus. Hij pest dronkaards en speelt “hoedekestamp” met kinderen. Telkens weer neemt hij ze in het ootje en verdwijnt dan met een diabolische lach. Alleen bij het loopspel “koppeketrap in de maneschijn” blijft hij aan de kant staan. Bij dat spel moet je immers op de schaduw van het hoofd van een spelmakker trappen, en een duivel heeft nu eenmaal geen schaduw.
Lange Wapper gebruikt allerlei trucs om vrouwen te benaderen of van hun moedermelk te drinken. Zo vermomt hij zich als witte zakdoek en gaat op straat liggen, om zich te laten oppakken door nietsvermoedende voorbijgangsters. Een andere keer neemt hij de gedaante aan van een pasgeboren baby en legt zichzelf te vondeling…
En natuurlijk heb ik ook rond geneusd op de vogeltjesmarkt. De Vogeltjesmarkt is ontstaan in de 16e eeuw op de Meir en is van oorsprong een markt waar men pluimvee, kleinvee en wildbraad kochten. In 1912 is de markt verplaatst naar de Oude Vaartplaats, waar de markt verder uitgebreid werd met de handel in kleding, schoenen, voedsel en antiek. In de loop van de jaren is de markt ook wat betreft omvang gegroeid en is de markt uitgebreid tot omliggende pleinen en straten. Dieren mogen er gelukkig niet meer gekocht worden. Maar van de oorspronkelijke handelswaar van de Vogeltjesmarkt is dan wel niet veel meer terug te vinden. Kraampjes met vogels en pluimvee zijn teruggebracht tot nog maar slechts een klein deel van de markt. Het is eigenlijk nog te veel als ze zien hoe kippen samengepakt in kleine kooien zitten.
Tot het begin van deze eeuw werden er op de Vogelenmarkt ook redelijk veel hondjes en poesjes verkocht. De blikken van de kleine puppies waren vaak al voldoende voor een impulsieve aanschaf van een huisdier. Ook ik ben er ingetuind, kocht een snoezig kleine kitten die tijdens de autorit naar huis zieker en zieker werd en na onderzoek bij onze Nederlandse dierenarts, allerlei ziektes onder de leden bleek te hebben. Hij heeft het niet overleefd.
Niet voor niets is er dus inmiddels een verbod op de handel in honden en katten op de markt. Creatieve handelaren zijn echter uitgeweken naar winkels op de Oude Vaartplaats die toevallig ook tijdens de Vogeltjesmarkt geopend zijn. Op die manier blijft de handel in deze huisdieren rondom de markt gewoon bestaan.
En zo ontdek je elke keer weer meer in Antwerpen. Een beetje het Parijs van België soms. Mooi bezongen door Stef Bos!