View: 4

Uitgebreid verslag Berlijn

Uitgebreid verslag Berlijn! (hoort bij eerder bericht) Doorbrekend Gedacht aan een muur Gezocht naar een muur, Die bleek een stevige…
Duitsland

Uitgebreid verslag Berlijn! (hoort bij eerder bericht)

20a-225x300Doorbrekend
Gedacht aan een muur
Gezocht naar een muur,
Die bleek een stevige gedachte.
Niks plannen, ik kan er niet tegen. Gewoon laat thuis komen en dan meteen de reistas inpakken.

Donder er maar in wat ik denk nodig te hebben. Dag iedereen, ik ga úber die Grenze en laat alle zorgen achter me. Recent gedane ontdekkingen, onmacht en zorg. Het enige dat ik meeneem is spierpijn in m?n kuiten en armen van de verhuizing van de Schuurmannetjes. Een paar uurtjes slaap ik in met de reistas aan m’n voeten. Een paar uurtjes opwindende slaap met dat heerlijke gevoel van niet weten wat je weer te wachten staat. Die reiskriebels die je houden tussen slaap en waak. Dan de verlossende zoemer van je wekker dat het tijd is om te gaan. Een laatste kop koffie. Een laatste blik op de katten en de vogels. Een laatste check-out van gas en andere kranen laat me voelen dat straks al dat soort verantwoordelijkheden letterlijk wegvallen. Nergens meer aan denken. Zalig, over een uur ben ik úber die Grenze! Ik gooi alles in de kofferbak. Sigaretten, fototoestellen en zonnebril liggen naast me. De eerste ochtendstralen kriebelen als de reiskriebels in m?n ogen! Hoe mooier kan ik de vakantie beginnen dan zo. De dauw op de appelbloesem in de tuin, gevangen in de eerste zonnestralen geeft me die aanblik en dat gevoel dat ik nodig heb om te weten dat er iets is om ook straks weer voor thuis te komen. Maar nu even niet. De buurt slaapt nog. Hier en daar gaat wel een gordijntje los als ik met een niet te vermijden klap de kofferbak dichtsla. Als ik de motor start voel ik me als een boosdoener die de ochtendrust verstoord. Dag huis, dag bloesem. Snel even wat motorolie, koelvloeistof en ruitensproeier halen. De laatste verantwoording glipt langs me heen als ik van het benzine station wegrijdt. O ja, en een belkaart, de link naar huis. De link van droom naar werkelijkheid. De link van nu even mogen naar straks ook weer moeten. Maar ook de link naar die verantwoording waar ik niet zonder kan. Die gedachte geeft me een glimlach waarmee ik wegrijdt van het tweede pompstation, richting de grens. Ik haal Ton op die in zijn eigen kunstbende en met hetzelfde gevoel op blote voeten staat te wachten. Heerlijk te zien dat zijn werkelijkheid veel onbezonnener is dan de mijne. De afwas en onafgesloten potjes appelstroop en andere belegsoorten, de werkspullen en de overal slingerende rommeltjes zijn in schril contrast met de redelijke opgeruimdheid in het stulp dat ik achterliet. Een tweede keer gaat de kofferbak open en ook hier weer voelt het aan alsof we de Achterhoekse ochtendrust verstoren. Slechts een gans gakt en een paar eenden kwaken de eerste ochtendgroet. Door Terborg, door Etten in sneltreinvaart. Ton en ik hebben hetzelfde idee. Zo snel als we kunnen die Grenze hinúber! Direct zie je het verschil van wegen, van bewoning en begroeiing. Maar we willen rijden en kijken nog niet te veel om ons heen. Weg, ver weg en wel zo snel mogelijk. Geen punt in Duitsland. Zodra je je hielen licht úber die Grenze, scheuren de eerste automobilisten je voorbij. Alsof ze net als wij alles los willen gooien. Onwennig druk ik het gaspedaal wat verder in. Vakantie is de rust die met deze snelheid niet overeenkomt. Verbaasd merk ik dat de rijstijl een geheel andere is dan ik gewend ben. En met die kinderlijke ontdekking en verbazing probeer ik te achterhalen wat de logica is. Mijn eerste vooroordeel moet ik inherent hieraan al direct laten varen. Het vooroordeel van onbesuisd rijgedrag van de Duitsers. Oké, het gaat hard maar het gaat doordacht hard. Hier zit een systeem in die ellenlange driebaanswegen. Hier ist man wirklich Herr im verkehr. Hier ergert niemand zich aan voorbijrazende Mercedessen en Audi’s, hier toont men respect! Da’s even omschakelen voor me. Het gaat zo hard dat je soms de kleur van de bolide niet eens kan onderscheiden. Een tornado! En voor een tornado ga je als het even kan aan de kant. Die geef je zijn ruimte. Zoals ze ook mijn hang naar orkaansnelheid de ruimte geven. Een vreemde gewaarwording als blijkt dat ze voor je aan de kant gaan. En als een kind die de wereld vanuit zichzelf eerst bekijkt en verguld is met de ontdekking, vergeet ik te beseffen dat de wereld ook een beeld van mij heeft. Ook ik moet aan de kant en kan niet eeuwig links blijven rijden. Dat heet wederzijds respect! Maar ik leer snel, ik pas me aan zoals men zich aan mij aanpast. Ik geniet van het spel der snelheid, het spel van ongelijkheid, het spel van pionnen verzetten en wat maak ik nog een fouten met de spelregels de eerste uren! Die dumme Hollánder!

Tijd voor een eerste kop koffie in de Raststátte. Had ik altijd gedacht dat onze pompstations kleine supermarktjes waren, hier lijken de pompstations daarbij vergeleken wel warenhuizen. Ik kijk mijn ogen uit bij alle lekkernij. Complete bakkerijen en tabakswinkels bevinden zich op deze vierkante kilometers. De koelvitrine puilt uit van alle soorten frisdrank en vruchtensappen die de Duitser in huis heeft. De sterke drank wordt rijkelijk verkocht maar ook kleine snuisterijen en souvenirs zijn volop leverbaar en op voorraad. En als er ergens een land is dat hecht aan de Europese gemeenschap dan is het Duitsland wel. De stickers met naamemblemen van alle landen pronken in houders aan de muur. Van Griekenland tot DDR, van Turkije tot Nederland. Je kan je auto ermee behangen als je wilt zonder ooit het land bezocht te hebben. Slechts één van al deze dingen trekt werkelijk mijn aandacht. Dé Bretzel!! Verlekkert ligt de gekronkelde krakeling met zijn zoutkristallen op me te wachten. Knapperig vers en warm. Land, heerlijk land Duitsland! Die Kaffee schmeckt herlich en de Bretzel peuzel ik hapje voor hapje op, genietend als een kind die voor het eerst wat anders krijgt dan moedermelk.

Kleine invoegstroken geven aan dat je snel op snelheid moet zitten. En dus doe ik dat. En alsof ik al het pas geleerde alweer vergeten ben, kijk ik achterom of ik wel de ruimte heb om de autobahn op te komen, terwijl men natuurlijk allang voor me aan de kant is gegaan. Die Herr in verkehr?..ik was het alweer vergeten. De ellenlange recht toe, recht aan weg naar Hannover en daar in het verlengende liggende ellenlange wegdek van Hannover naar Berlijn. Trots zijn de Duitsers op hun hoofdstad. De naam Berlijn staat al vlot aangegeven. Waar men ook rijd komt met Berlijn tegen. Alle wegen leiden niet alleen naar Rome, ze leiden vooral zu Berlin! Je hoeft niet van de autobahn af om te komen in die Grosse Stadt. Je kan gewoon immer gerade aus! Maar na vier uur rijden zijn we de autobahn zat. Porta Westfalica is in zicht. We verlaten de snelweg en rijden door prachtige bossen naar een verlaten stukje Duitsland. Het oude vervallene dat ik van Duitsland dacht te kennen heeft plaats gemaakt voor veel restauratie. De lieflijke huisjes met zijn houten gevels en luiken, zijn begroeiingen van klimop, de scheefstand, hebben plaats gemaakt voor strak geschilderde maar niet minder lieflijke huizen. Alleen de charme is er een beetje vanaf voor mijn gevoel. We genieten van de gele koolzaadvelden. Geel zoals geel bedoeld is.  De lichtinval van de zon door de wolken geeft de gele velden soms een nog gelere, eigenlijk gouden uitstraling. We willen er deel van uitmaken en rijden over zandpaden, dwars door de koolzaadvelden richting nowhere. We komen aan het eind van de horizon en het begin van ondoordringbaar woud waar aan de overkant van een rivier, het praalprieel van Wilhelm Friedrich staat die over zijn land heen kijkt alsof hij de schepper was! Zijn arm hoog geheven met een alom bekende en gevreesde groet die me eraan doet denken dat ?der Adolf? toch minder origineel was dan ik had gedacht. Maar dat water waar we aan staan?.. dat stilstaand lijkende water dat zo vol van stroming zit als je er vlakbij staat. Uit de stilte leek het zo stil en vredig maar als we ons een weg banen door koolzaad en struikgewas en aan de oever staan van de Weser dan pas ontdekken we de kringen van stromingen en de noodgang van de snelweg die we net hebben ontdoken. Ik voel me als de rivier. De rivier straalt mijn identiteit uit! Zo vredig en zo vol stroming. Ik zou er uren kunnen staan. Stilzwijgend, starend naar mezelf weerspiegeld in het water! Ik zie mezelf in de strominkjes en kolkjes in beweging. De zon maakt een foto van mijn uiterlijke verschijning in het spiegelende water en de beweging van het water weerspiegelt mijn innerlijke zijn! Het neigt allemaal naar perfectie??.. Ik kan het moeilijk loslaten maar we willen toch echt naar het praalprieel! We rijden weer terug door het koolzaad die mooier oogt dan het riekt en we kronkelen ons in alle bochten van het Weserbergland. Door een veelkleurig groen woud stijgen we naar de plek van kaiser Wilhelm. Hij mot ons hebben willen laten voelen hoe klein we zijn als we onderaan de trappen van zijn reusachtig praalprieel staan. Alsof hij ons met opgeheven hoofd toch zijn zegen wil geven strekt hij zijn arm ver uit. Heerser over Duitsland, heerser over het zo uitgestrekte Duitsland waar dit slechts een onderdeel van is. Terwijl ik alleen maar denk als ik uitkijk over het landschap en de bergen ‘hier moet je niet over willen heersen, hier voel je immers dat er geen mensenhand aan te pas kan komen om dit te laten ontstaan zoals het is’. Ja, wel de industrie, de huizen en al het andere maar niet die kleuren groen die ik zie. Zoveel kleuren kan een mens niet scheppen, daar kan een mens niet over heersen?. Dat moet je niet eens willen! Niet hij met zijn uitgestrekte arm doet me klein voelen maar iets heel anders! En ik ben dankbaar er een onderdeeltje van te mogen zijn. Weer vallen we stil als we samen op de trappen zitten te genieten van alles wat we zien en op ons in laten werken. Die ene zonnestraal die een streep ongrijpbaar goudlicht over het geel geeft. Het linde, het jade, het lente, het mos groen en al die onnoembare tinten. Wij mensen noemen het geel goud maar het is meer.. wij mensen proberen de kleuren groen te vangen in gelijklijkende kleurnamen maar het is meer.

 

Moeizaam laat ik de plek los en we dalen af naar de auto. Voort gaat de weg. Langs en door mijn geliefde Harzgebergte. Herinnering aan watervallen en kur-orden. Herinnering aan een leuke tijd. Maar ook herinnering aan de zoete en de zure vruchten van een paradijs. Leven in contrasten ?wat zal ik het nog vaak tegenkomen deze vakantie ook!Maar nu willen we door naar Berlijn. De herinnering lonkt! De stad roept! En dan, zonder dat ik het weet, rijden we door het voormalig ooststuk van Duitsland. Lange uitgestrekte slechte wegen. Veel werkzaamheden. Ongelofelijke bossen. Bossen die me doen denken aan al die mensen die eens wegwilden. Aan al die vluchtpogingen en vluchtroutes. Aan die schat van herinneringen die er moeten liggen. Ik word stil bij het idee. Zo stil als de mensen waren die hun vlucht voorbereidden en hun vlucht ondernamen. Je hoort en voelt de stilte. De angst is nog niet uit het bos, de voetafdrukken nog te vers, de geluiden van bedongen en bedwongen stilte nog hoorbaar. Hier was het dus. Hier gebeurde het allemaal. Je ziet het, je voelt het, je hoort het! Het liefst was ik even uitgestapt maar er staan overal hekken omheen. Het liefst was ik even gestopt maar er is nauwelijks een stopplaats terwijl er elders in Duitsland overal P?s staan aangegeven. Maar hier zijn de wegen nog niet zover. Je ziet het gewoon?..alles is te vers! Zo rijden we ineens een ongelofelijk druk Berlijn binnen. De aanplakborden en reclameborden staan her en der en ongeordend en reclamebeschilderingen dekken de grijze muren af. Ze vertellen je dat het goed gaat met Duitsland. Dat het arme nu rijk is. Onze oostermuren zijn west. Er ligt overal troep die men niet meer wil zien. Restanten die doen herinneren aan een andere tijd dan in die wie die wij nu binnen komen rijden. De funkturm staat trots te kijk! De vrijheid van mening straalt er vanaf. Hier sta ik, je kunt niet om me heen. Ik mag uitzenden wat ik wil. Zo rijden we om het westelijk deel heen. Nog even niet. Eerst genieten van het oosten en de vrijheid delen. Daarvoor komen we immers hier. Onbevangen wil ik dat oostelijk deel in. Ik wil naar nu en niet naar toen. Het toen is de herinnering. Een achterhaalde herinnering die ik later wil zien.

 

De wijk Prenzlauer Berg is de plek waar we willen kijken of er een hotelletje is. Ik zie lange allee’ vol met westerse winkels. H&M is rijk vertegenwoordigd. Op elke allee wel twee. Overal zie ik kleur, overal ruik je geuren die niet Duits zijn. Pizza’s, donner kebab, shoarma, Chinees. Zoveel culturen in één straat is zelfs voor Nederland niet herkenbaar. En overal, overal schreeuwen je de graffiti teksten en beelden tegemoet. Elke Duitser op de Schonhauser Allee is welwillend je te helpen bij je zoektocht naar een plek om te slapen. Trots als ze zijn op hun stad met nieuw verworvenheden als hotels en pensionnetjes. Maar hoe zeer deze mensen nog moten wennen aan hun luxe is wel als blijkt dat ze hun eigen stad nauwelijks kennen. O ja, ze kennen de namen van de hotels, ze weten waar de pensions zich bevinden. Ongeveer dan, want als je de aanwijzingen volgt vind je de genoemde plaats niet. Men vergist zich nog wel eens. Het ene hotel precies aan de andere straat. Kinderlijke trots. We weten wel waar de klok luidt maar die verhipte klepel??.. Al snel vinden we toch ‘Alcatraz’. We zetten de auto neer (wel op slot) en vervolgen onze weg te voet. Ik ontdek een deur die ons leid naar een patio. Een patio uit een sprookje. Bomen en planten, schitterende graffitibeschilderingen aan de muren en weer een deurtje naar de receptie. Een jonge vlotte rockersgirl vertelt ons de prijzen en de regels. Ja, ze hebben nog plek. Na wat geschuif op een pc met Excelachtig programma vindt ze ein doppelzimmer auf viertem stock. Nee, geen lift. Maar we voelen ons jong en schuwen de trappen niet. Gratis parkeren kan achter het hotel. Twee keer rechts, bij het sportveld en dan even zoeken naar een plek. We betalen en nemen plaats aan de picknicktafels op de patio. Een heerlijke kop koffie wordt voor ons gezet. Ik kan m?n ogen niet afhouden van de graffiti U-bahn, de berliner Bar en de toerist bij de trabantjestaxi. Ton ziet met kunstenaarsoog het prachtige houten onderstel van een plantentafel. Twee houtsnede figuren in kamasutra houding die samen het bovenblad torsen zonder dat het ze moeite lijkt te kosten. Gedragen door liefde.

Na de koffie vatten we moed de auto op te zoeken en naar zijn rustplaats te brengen. De taak zit erop. De komende dagen zullen we afstanden te voet verder afleggen. We vinden al snel het rechts en rechtsaf plekje, ontdoen de auto met een vriendelijk bedankje voor goede zorgen van de reisbagage en sluiten dit maal weer goed af, de auto achterlatend onder het toeziend oog van de sporters op het, zal later blijken, altijd bezette veld. Als ik voor de tweede maal de grote groene deur van de patio aan de Schonhauser allee open, word ik alweer vrolijk van de aanblik van al dat graffitigeweld. En zelfs al moeten we die 9 trappen opzeulen met de bagage, bij elk raampje weer kijk ik naar buiten om te zien hoe het schouwspel zich aanpast aan mijn hoogte. Het lijkt wel of de U-bahn met ons mee naar boven rijdt als een soort van kabelbaantje. Zelfs de gangen en deuren zijn vol van graffiti afbeeldingen. Kamerdeur 42 is een karikatuur van een mannetje met peuk in de mond aber rauchen ist verboten! De 42 is een gespoten 42 in felle kleuren. Toch redelijk uitgeblust komen we op onze kamer. Een vriendelijk en fris uitziende kamer die we binnekomen na het betreden van een halletje met deur naar grote gemeenschappelijke badkamer met wc en twee wastafels en douchecabine en een deur naar een kamer van medehalbewoonster. Ik kijk vol genot uit het kamerraam. Niet in het minst om de overwinning van de 9 trappen die bedwongen zijn, niet alleen om het weke gevoel in de benen gezien de hoogte die ik aandurf maar vooral door de aanblik op de groene gebladerde patio en het kunstwerk dat met me mee geklommen is.

Even opfrissen en dan op zoek naar eten. De geuren die onze neuzen zijn binnengedrongen zullen de keuze lastig maken gelukkig maar dat het geknaag van de maag uitstel niet duld en die keuze snel gemaakt dient te zijn. We dalen de 9 trappen weer af op zoek naar de Prenzlauer Allee waar de auto eerst stond en we diverse eetgelegenheden bespeurden. We vinden een Thais restaurant met billijke prijzen. Prijzen die, zoals later zal blijken, overal zo billijk zijn. De Duitsers hebben het begrepen. Dat dure houdt de klandizie weg dus pas je prijzen aan en men zal je vaker weten te vinden waardoor je klandizie uiteindelijk meer oplevert. Het eten is bijzonder. De inktvis en de spies zijn scherp zoals scherp hoort te zijn. Geen aan de bewoners van dit land aangepaste smaak maar eerlijk Thais voedsel. WE raken met de eigenaar aan de praat. Een gelukkig man die doodongelukkig was in /west Berlijn in verband met onaangename discriminatie ervaringen. Hier in het oostdeel is dat niet zo vermeld hij ons. Hier kan hij rustig zijn vak uitoefenen en zijn cultuur behouden. Hier hoeft hij niet onder politiebegeleiding zijn stoepje af te gaan zoals dat in het westen eerder wel eens is gebeurt omdat neonazistische jongeren zijn nek wilden breken. Hij had kennissen in Rotterdam wonen waar hij in de nacht wel eens naar toe reed. Fijn land Nederland. Daar is pas echt vrijheid. En ik vraag me af wat hij toch bedoelt. Oost Berlijn is vrij, de vrijheid straalt eraf. De armoede is over, het leed geleden. De opbouw is volop aanwezig. De gezellige en knusse drukte van mensen en hun geluiden en krachten is duidelijk zichtbaar in een bonte bundeling. We geven de man een westers aandoende fooi zonder ons weldoener te voelen maar meer uit dankbaarheid mee te mogen doen aan de nieuw verworven welvaart en de vervolgopbouw. We buigen net als hij als wederzijds dankbetoon en verlaten het gezellige eettentje. Onder de indruk van het verhaal van de Thai. Het land van Pim Fortuin een vrij land? Het land van uitzetting een vriendelijk land? Waar heeft hij het over. Samen denken we aan de module achtergrond en cultuur die we samen volgen op de hogeschool en aan onze bezoeken aan de AZC’s die een zo schrijnende herinnering aan ons beiden hebben gegeven. Een ervaring waar we samen zo lang en zo vaak over praten. Ik voel voor de zoveelste keer de betrekkelijkheid van dit leven. We slenteren door de voormalig oost Berlijnse straten. Tot laat zijn de winkels open. Dit stadsdeel bruist van werklust. In een zijstraatje vinden we een klein barretje met ongemakkelijke stoeltjes. Niet alles is luxe. Maar de linden zijn werkelijk schitterend. De vogels tjilpen ‘einer kleiner nachtmelodie’. Het serveerstertje straalt de hoofdpijn van zich af maar is vriendelijk en brengt ons het ene na het andere wijntje. Regelmatig strekken we de armen onder het hoofd, genietend van de sterrenhemel, genietend van de zwoele avondlucht, genietend van de goedkope wijn, genietend van ‘die kleine nachtmelodieën’, genietend van de geluiden van gesprekken om ons heen, genietend van een ultiem vakantiegevoel. En zo sluipen we de nacht in op naar de volgende dag.

Vandaag gaan we veel wandelen. Een kop koffie zal het eerste doel zijn. Berlijn is al ontwaakt. De stemmen en andere geluiden waren al vroeg hoorbaar. De U-bahn dendert over de Schonhauser Allee. De café?s openen hun deuren. Alleen de winkels blijven nog gesloten. Zij hebben tot laat in de avond hun deuren geopend gehad en genieten van hun welverdiende ochtendrust. Het bedrijvigst van allen zijn de vogels. Letterlijk vroeg uit de veren en nu op zoek naar een ontbijt! Een ontbijt dat bestaat uit de restanten van avondeten en kruimels van de koek van de mensen die hun eerste kopje koffie nuttigen. Zo ook wij. Na een paar honderd meter lonkt de geur van Kaffee. We zitten in de ochtendzon onder een linde waar de musjes brutaal op onze tafel komen zitten met een scheef en lonkend kopje voor die kruimels. We offeren er onze koek graag voor op. Musjes die de muur nooit in zijn betekenis hebben gekend. Musjes die konden vliegen van Oost naar West en nu kiezen voor een tafeltje in Oost waar toeristen hun koek delen. Oostdeel van Berlijn waar men zo druk is maar waar de toerist zo het gevoel krijgt van gewaardeerd toerist te mogen zijn en rust in de hectiek mag beleven. Omdat hun rust dat oplevert wat de Oost Berlijner zo nodig heeft. Traag staan we op. Wat is het leven goed!

Onderweg komen we een verstopte kerk tegen. Een kerk met prachtige gevels verscholen achter een muur en deur. Helaas is de kerk dicht en onze nieuwsgierigheid naar de binnenkant van dit verscholen kerkje blijft. We lopen richting joods kerkhof. Joods kerkhof!!!! Kerkhof voor joden midden in voormalig Oost-Berlijn. Graven uit 1700 tot na de tweede wereldoorlog. Een oase van rust. Een soort van Eftelingspookhuis midden in een stad. De zon schijnt sprookjesachtig door de kastanjes op de met klimop begroeide graven. Het is onwaarschijnlijk! Keppeltjes verplicht voor mannen. Dus Ton zet gehoorzaam een keppel op wat hem telkenmale van het hoofd vliegt bij het bezichtigen van de graven van Levy’s , Liebermannen en Cohennen. Joodser kan het niet. Ongeschondener in een geschonden stad dan dit kan haast niet. Vervallen van overleefde oudheid. Terwijl de kogelgaten in de muren van omringende huizen prijken, staan deze graven schots en scheef maar fier van overleefde oudheid in het groen te pralen. Hoe is het mogelijk dat in het herkomstland van Jodenhaat, zoiets het overleeft heeft. Ik loop in onvoorstelbare stilte over de klimop en laat me door indrukken opslokken. Af en toe stoten we elkaar aan en wijzen elkaar op de grafteksten of de imposante graven. De liefde voor elkaar en de hechtheid spreekt uit de woorden die met zorg in de stenen zijn gekerfd. De liefde uit de grafteksten is intenser dan intens terwijl ook andere landen met soortgelijke kerkhoven hun doden in liefde te rusten leggen. Het verdriet en respect zal niet minder zijn. Maar dit is zo intiem en intens. Dit is joods! Zo vredig is alles. Net alsof er geen Jodenhaat ooit heeft bestaan. Totdat je oplet en ontdekt dat er geen graven zijn die gedateerd zijn van 1938 tot 1946. Dan pas dringt ook hier de oorlog tot je door en wordt je geconfronteerd met een stuk wreedheid in ruste. Waar zijn de joden van die tijd? Je weet het immers. Het is 5 mei, we vieren de bevrijding maar we herdenken vooral en niet voor niks. Vreemd gevoel ineens dat ik voor het eerst van m?n leven rond de tijd van twee minuten stilte, de vlag half stok en de bevrijding met de vlag ten top in het land van oorzaak ben! Ik ben blij dat ik de donderdag voor de vakantie met de kinderen uit de klas over Anne Frank heb gepraat. Ook dit zal ik ze vertellen. Over een kerkhofje waar geen doden waren in de tijd van ?38 tot ?46.  Nee jongens, en niet omdat er toen niemand doodging! In diep respect en diepe verwondering en bewondering verlaten we het kerkhof.

De honger knaagt en de tweede bak koffie is een welkome afleiding. Een echt Duits fruhstuck gaat er wel in. Deutsche kaiserbrotchen en keizerlijk beleg! De koffie is voor het eerst niet te drinken maar alles beter dan dorst! En weer verkwikt ons de zon! We lopen richting Alexanderplatz via het plein van Rosa Luxemburg waar zich de theaters bevinden. Stand-up comedians café?s en het grote theater, een filmhuis en een mini theatertje! Wat zal het hier ?s avonds een bont gebeuren zijn! Verder gaan we. We lopen langs enorme reclameafbeeldingen al dan niet bewegend. Al dan niet opgeplakt en opgeschilderd. Mohammed Ali vertegenwoordigt de hang naar het mogelijk maken van onmogelijkheden! Alles op dit plein is nieuw. Zelfs het boekenwinkeltje waar ik natuurlijk weer niet voorbij kan lopen zonder zeker een half uur te staan graaien in al dat heerlijks vol letters en zinnen. Ik vind notabene muziekboeken met alle etudes van Beethoven en Mozart. Het gehele requiem. Sonates voor piano meets flute! Opera?s en operettes compleet met tekst. Ik denk aan Marianne en Gerard en aan Wil. Ik zou het allemaal voor ze mee willen nemen. Maar ik zal ze vertellen waar ik was. Ik zal ze vertellen van mijn ervaringen en ze precies vertellen waar het winkeltje zich bevindt zodat ze er zelfs eens heen kunnen. Net als ik er zo heerlijk tussenuit. Na tien keer boeken gepakt te hebben en weer teruggelegd verlaat ik blij de boekenshop met een muziekboek van piano meets flute en een lief Duits dierengedichtenbundeltje! Dan zoeken we de rust van het water van de talrijke fonteintjes. Twee honden vliegen dol door de fontein. Nicht faulen aber waschen roept hun baas vol geprikt met veiligheidsspelden en andersoortige piercings. Ik wilde dat ik net als die honden door die fontein kon rennen en snap gewoon niet waarom ik het niet doe!

e volgende fontein is die van Neptunus. Een gigantisch beeld vol meerminnen en angstaanjagende krokodillen met in het midden de kolos Neptunus! Ik volg vanaf de rand hiervan de drukte van het plein. De schoonmaakvrouw met het kruiwagentje, de moeders die hun kinderen bij de fontein weghouden, de verliefde stellen die de romantiek op dezelfde rand zoeken als waar ik zit, de mannen voor het gerechtsgebouw die de veiligheid moeten waarborgen, de toeristen, de bewoners, de werkenden, de slenteraars en de joggers. Een plein vol leven! En juist op dit plein van leven wil ik een stukje muur aanschaffen. Een kleine kiosk vol souvenirs biedt naar waarheid of onwaarheid getrouwe stukjes muur aan. De een nog mooier verpakt dan de ander. Kleine monumentjes voor in je huiskamer! En ik wil me laten neppen en koop een stukje! Of ik voorkeur heb van graffiti kleur? Voorkeur?

Keuze?? Hadden zij dat vroeger ook? Nee geef me maar een stukje. En bij toeval krijg ik groen. Groen dat zo’n rol speelt al de hele vakantie. Groen van de bomen en de bossen. Groen van de vrijheid!

Verder gaat de tocht. Richting het imposante beeld met de twee mannen Marx en Engels. En de enorme stalen platen waarin de foto’s van slechtere tijden geëtst zijn. Een pracht object! Tussen de platen door zie je de funkturm fier staan! Verleden, heden en toekomst! Een bandje is zijn instrumenten aan het opstellen. We willen wel wachten maar we willen nog zoveel zien en vervolgen onze tocht.

Als we verder gaan komen langs de schitterende imposante gebouwen. De musea, de universiteit en de bruggen. Ik sta elke keer weer te genieten van de beeldhouwkunst en de verschillende stijlen. Bedot worden we zelfs door een gebouw dat oud lijkt maar wat in verband met renovatie in een enorm beschilderd doek gevangen staat, beschilderd met stenen en ornamenten. Verderop komen we hetzelfde tegen maar dan een doek met lucht en bomen en een moderner gebouw. Wat een plan je gebouwen zo te verhullen, de steigers achter het doek latend.  Niets mag herinneren aan oud Oost! Niet daar tussen het overweldigende van de andere gebouwen! Het ene gebouw is nog groter dan het ander. Het ander nog overweldigender dan het één. Overal gebouwen in doeken maar ook steigers en bouwputten zijn zichtbaar. Oost Berlijn in opbouw!

Al lopende over die lange ‘unter dem Linden’ komen we aan bij waar we wilden komen ‘DE BRANDENBURGER TUR’! Ik zie hem al in de verte en kan niet wachten tot ik er ben! Daar was het. Daar stond ik destijds maar dan aan de andere kant van de muur van de ‘Tur’. Ik schrik van de gebouwen erom heen. Ik schrik van de pracht en praal. Niets doet me meer herinneren aan het grauwe, dorre, beangstigende! Het plein bruist. De mensen lopen druk door elkaar. Bussen vol toeristen rijden af en aan. Als ik vlakbij ben staat er een restant van de muur midden op de dure promenade tussen de luxe winkels vol laatste mode en overdreven souvenirs. En dan stappen we het plein op. Ik loop in stille verrukking naar de Brandenburg Tur. En dan sta ik eronder. Ik loop van oost naar west. Ik loop van west naar oost en als een kind loop ik het traject nog een keer om zeker te weten dat het kan. Om te voelen dat het écht is! Waar zijn de mannen die met strakke harde pas stampvoetend heen en weer lopen om de boel te bewaken? Waar zijn de geweren? Waar is de angst? Ik zie enkel toeristen en medewerkers van het parlement met zogenaamde belangrijke aktetassen vol van nog belangrijker lijkende papieren. Ik zie studenten en voormalig werkelozen die in hun fietstaxi’s de bezoekers af en aan rijden. Weg is alles! De ‘Tur’ staat in een andere hoedanigheid.

Bij het parlement wapperen de vlaggen van allerlei landen alsof ik naar het Europese parlement loop. Alles in het kader van de zojuist toegetreden landen natuurlijk. Een verenigd Europa maar ik kan alleen maar denken aan een verenigd Berlijn en het symbool dat die vereniging symboliseert en waar ik zojuist onderdoor gelopen ben! Het parlement is druk. Televisiewagens staan met draaiende satellietschotels op hun daken. Mannen in driedelig pak lopen af en aan. Reporters met microfoon staan klaar de mannen te vangen. Mannen, ik zie weinig vrouwen! Wel zie ik het kruis dat de doen herdenkt. De slachtoffers aan de vlucht van oost naar West. Een vlucht die voor mij geen vlucht was en één stap betekende. Een stap vol opluchting! Niet ver ervandaan staat het Russische monument met de tanks en kanonnen ervoor. We kunnen er niet bij. De schoonmaak ploeg heeft de sproeiers zo gezet dat je de trappen niet kunt betreden maar ook het gras niet raken. En iets verder van het geweld van tanks en drukdoende parlementariërs is een bos. Het midden van de stad is een bos of zeer uitgestrekt park waar men de rust in de hectiek vindt. We wandelen de rust tegemoet. Even de indrukken verwerken omringd door vogelgefluit. En terwijl Ton een uiltje knapt lees ik in mijn nieuwverworven aankoop. En lees gedichtje voor gedichtje uit mijn dierengedichtenbundeltje.

Nog één ding te doen. De Friedrichstrasse. De straat van Checkpoint Charley. De straat waar ik op eigen risico de uitkijktoren betrad. De straat waar Ton gefouilleerd werd eer hij het oosten in kon en waar hij de tunnel van angst door moest om het oosten te bereiken. De straat van de waarheid. Na een zoveelste kop koffie, brotchen en Bretzel lopen we vol verwachting richting Friedrichstrasse. In de verte hoor je al het druk gebabbel dat je wel moet vermoeden dat het daar druk moet zijn. En daar staat het??Checkpoint Charley! Omgeven van zandzakken vol stukken muur en bezaaid met verdorde maar nog altijd kleurende bloemen. De voopoo’s hangen op grote fotoborden. Het grote bord met ‘you’re leaving the ‘american area’ staat nog altijd op dezelfde plek. De restanten muur staan veilig achter dranghekken, gesorteerd op graffitikleur. De foto?s met herinneringen hangen aan een plastic koepeltje. Een rood bord met ‘Checkpoint Charley’ erop staat tegen een muur. Alles herinnert aan wat eens was. De namen van de winkels en horecagelegenheden doen allen denken aan Checkpoint Charley. Een viertal kraampjes, op elke hoek van het kruispunt één,  liggen bezaaid met petten van Russische soldaten, met berenmutsen of berenstaarten, met mamoeschka’s, vlaggen en andere zaken die Russisch moeten lijken! We gaan zitten op een terrasje, twee meter van het huisje ‘Checkpoint’ af. Ik blijf maar kijken. Ik blijf er maar heen lopen. Jongeren, bussen vol jongeren, vermoedelijk schoolreisjes of excursies, lopen af en aan met fototoestellen. Zouden deze kinderen werkelijk begrijpen waar ze staan? Zouden ze voelen wat ik nu boel. De onwerkelijke werkelijkheid? Ik probeer me krampachtig voor te stellen hoe het ooit was. Ik hoor Ton met duizend en één vragen uit! Dat hij niet gek van me wordt mag een wonder heten. Wel tien keer vraag ik hoe dit toen was en dat er toen uitzag. Wat hij voelde toen hij overstak. Ik vertel hem van mijn Anne Frank verhaal aan de kinderen in de klas en het proberen duidelijk te maken wat het geweest moest zijn. Dat ook zij wel eens doen wat de sterkste en stoerste leider van de klas wil dat ze doen, zonder dat ze het eigenlijk willen, zonder dat ze trots op zichzelf zijn maar het toch doen. Ik babbel en babbel en dan val ik stil en wil alleen maar in me opnemen??. Mijn gedachten brengen me naar lang geleden. Hoe zouden de mensen hier gelopen, gewoond, geleefd, gevoeld, gesproken hebben. Hoeveel vooral onuitgesproken. Hoe is de overgang gegaan en hoe hebben ze ooit die vrijheid aangekund? Hoe vaak zou er geschoten zijn? Ik zit hier middenin de geschiedenis. Ik voel me heel klein en heel stil.

Met moeite verlaat ik deze plaats. We banen ons een weg naar de U-bahn. Twee maal twee euro voor een kaartje van het westen naar het oosten. Zonder fouilleren, zonder angst, zonder geweren die op ons gericht zijn, zonder honderd handtekeningen op formulieren, zonder visum. Vier euro en een kaartje uit een machine, één stap de metro in. Dat is vrijheid! We laten ons meevoeren in de stroom mensen de Metro in. En staan te wankelen als de metro zich in beweging zet. Acht stations te gaan. Ze razen aan je voorbij. Eberstasse, Schonhauser Allee. Uitstappen! Zouden de voormalig oost Duitsers nog wel eens voelen wat ik nu voelde? Of zou vrijheid alweer gewoonte geworden zijn? We stappen net een halte te ver uit. En dat blijkt tevens ons geluk want na een kijkje in een luxe winkelcentrum vinden we een heel knus Grieks restaurantje. Wat zeg ik: ‘hét ultieme Griekse restaurantje’.maar ik ben bevooroordeeld natuurlijk want ze verkopen er Samos wijn, ze spreken de naam Apostollis goed uit en proosten ons toe met ‘Jamas’. Ton vraagt om de Griekse muziek op de achtergrond en de sfeer is compleet. Vakantie-achtiger kan haast niet! Gister Thaise inktvis en kung po runderspies. Vandaar de Griekse dolma’s, de koolsalade en gyros met souvlaki! De Samoswijn komt aan, zelfs Ton vindt het overdadig lekker en voelt de uitwerking! Voldaan stappen we anderhalf uur later de Schonhauser Allee weer op. Giechelend van de wijn en vol uitgaansplannen voor de rest van de avond. Het weer zit ons nog steeds mee! We dumpen de spullen die we in de loop van de dag gekocht hebben in de auto die nog net zo bewaakt door de sportparksporters en beschenen door enorme stadionlichtpalen op zijn plekje staat. Onbezonnen zwalken we terug naar de Allee. Gierend van de lach, als twee onbetrapte pubers, sneaken we door een hek en snijden een stuk weg af door een klein bebost stuk midden op de straat maar afgezet met een ijzeren hek. En daar staat het dan…in levende materie…een trabantje!! Ook dat nog.. de ene verbazing na de ander. Ik vlij me neer als een pitsgirl op de motorkap. Eén keer in mijn leven op een trabant! Vereeuwig mij! Zomaar onderweg, de trabant achter ons latend, vinden we een soort van biergarten waar we ons neervlijen tussen de studenten die er ervaringen uitwisselen over moeilijke scripties en ondeugdelijke docenten! Dit is pas vakantie. Weten dat er over je vak gepraat wordt en over collega?s met de wetenschap van je eigen vrijheid! Wat een geroezemoes, wat een elven in de brouwerij. Een alternatieve jongeling komt langs met een rieten mand en vraagt ons of we misschien de in aluminium folie gewikkelde space cake willen kopen. Het is goed spul vertelt hij erbij en dat geloven we graag! We doen ons tegoed aan verse koffie, het goedkope bier tegen DeMensa prijzen en aan de wijn die goed smaakt. We genieten van de drukdoende studenten die ons af en toe aankijken wat onze positie zou zijn. Is dat jouw docent hoor je ze denken! En dan zonder enige aankondiging begint de plensbui! Een gigant van een bui met enorme druppels. De kou is direct in de lucht. We zoeken onze beschutting onder een mega parasol! De kou trekt acuut in je lijf. En als na een half uur de ergste bui over is lopen we naar Alcatraz. Maar niet na eerst een lekkere trui en de spulletjes weer uit de auto te hebben gehaald. De regen klettert op het Alcatraz dak waaronder ik in een droomloze slaap val!

Ik word wakker door de vroege zonnestralen! Gelukkig de regen heeft niet doorgezet. Vóór tien uur moeten we het hotel uit dus gaan we rustig douchen en aankleden. De koffers nog half onuitgepakt worden volgepropt met de reeds gedragen kleding. Zouden wij even moeilijk doen! Nog een laatste check, de glazen en de flessen toch maar mee. Dan een laatste blik en we gaan! Nog één dag Berlijn maar geen heerlijk hotel meer. Voor de laatste keer sluit ik de kamer en de haldeur en dalen we de negen trappen af. Beneden leveren we de sleutels in en vertrekken met een laatste blik op de prachtige graffitimuren het hostel waar we met plezier hebben gebivakkeerd! De auto staat geduldig te wachten, alweer onder het toeziend oog van de sportende jongeren en een overactieve meester. Heerlijk dat gevoel dat die meester daar met de kinderen bezig is. Het geeft ons het extra vakantiegevoel met een beetje zweem van schuld en schaamte dat we zo genieten van de vrijheid. We verlaten ons zo geliefde knusse oostelijk deel en tuigen richting west. Ik wil toch wel heel graag naar de herinnering uit mijn jeugd. We rijden langs de ons bekende plekjes. Overal hebben we al gelopen en genoten. Nu vliegen we er met 50 km per uur langs op als in een flashback! Langs de Schonhauser Allee, over het plein Rosa Luxemburg, de Alexanderplatz, Unter dem Linden, de Friedrichstrasse, om de Brandenburg Tur en zo het westen binnen. Langs het bos waar we gister nog de vogels van het westen naar het oosten zagen vliegen zoals wij nu vliegen van oost naar west.  En dan bemerken we toch het verschil. Het schrille contrast tussen oost en west. Wat wij nu luxe noemde daar is slechts een slap aftreksel van wat het westen nog steeds te bieden heeft. Het licht en de ruimte, de pracht en de praal als tegenhanger van het snel opgebouwde oosten en de fleur die slechts bestaat uit de graffiticamouflage tegen de grijze muren van weleer.

Naar de Weg der 17 juni en naar de Kurfustendam. Op de Grolsmanstrasse vinden we een parkeerplek. We maken een praatje met een straatveger die ons welwillend vertelt hoe we moeten lopen en beter zijn oude vertrouwde westen kent dan de oostenaren hun nieuwe oostdeel. We lopen langs luxueuze winkels en zien een kunsthandel waar we al meteen vol bewondering genieten van de frisse schilderijen in de etalage en dubbelgevouwen van de lach zien hoe luxe het westen eigenlijk wel niet is. Zo hard als ze in het oosten ploeteren en tot laat hun winkeltjes open houden zo makkelijk zijn ze hier. Offen von 10 bis 4 oder wenns licht brennt! Met andere woorden; ‘je ziet maar wanneer we er zijn’!

We wandelen verder. Ik wil naar de Kurfustendam, ik wil de Gedachtniskirche weer zien. Weerzien met mijn Duitsland! Hoe werkelijk zijn jullie één geworden? Ik ken nu de oost gedachte maar hoe zit het hier. Westen gescheiden door het gedenkmal en een groot park van het oosten. Oosten, snel groeiend en verscholen grauwte en schaamte gescheiden van westen, het contrast vergrotend in fierheid en trots! En dan zie ik de Kurfustendam. Hotel am Zoo war ik als kind logeerde. En ik moet zo inwendig lachen bij deze gedachte. Mijn innerlijk verschil is groter dan die van het oosten en het westen. Van de fake naar de reële wereld. Van krom naar recht! Ik voel een muur om me heen wegvallen in brokstukken?.. Maar ook voel ik de tweestrijd tussen het één en het ander. Het niet te verloochenden deel en het te accepteren deel. Het toen en het nu en de weg vooral erheen. De weg met de muur.. Maar de muur is weg en wat overblijft is the road ahead that’s empty.. Ik besef ineens dat de muur ook.. eens.. veiligheid en bescherming bood! De muur en ik voelen één. Maar de muur viel weg en wat overblijft zijn brokstukken van herinneringen. En ik voel dat ik af en toe een souvenirwinkeltje ben zoals hier dat zo nu en dan wat stukjes muur verkoopt of weggeeft!

We gaan zitten vlak naast hotel am Zoo in café le Marchée en bestellen een herlijk fruhstuck mit Kaffee! Opgedirkte onechte dames in veel te korte rokjes en dikke lagen make up zijn ons gezelschap. Jonge mondaine vrouwen met wandelwagens vol kinderen geven de borst in de ochtendzon van het terras. Over de Kurfustendam lopen chique lieden. De één voelt zich nog belangrijker dan de ander. Een flaneerpromenade. Zo anders dan onze vertrouwde Schonhauser allee waar iedereen gewoon druk was en gelijk was. Op weg naar hun gezamenlijke opbouw. Hun toekomst. Hier is alles gesettled. West Berlijn kent zijn status! Hier loopt een ieder met de luxe te koop of probeert zijn rijkdom te vergroten. He genieten van deze mensen is zo anders dan in het oostdeel! Na het ontbijt en onze tocht door het veel te grote en luxe le Marchée met zijn koloniale bibliotheek en zijn overdadige buffet, lopen we naar de Gedachtniskirche. Het naderen beneemt met de adem. Zo kapot maar zo groots van macht, geschiedenis en betekenis!

De geschondenheid van buiten doet je nietsvermoedend de schoonheid en schittering van de binnenkant binnenwandelen in opperste verbazing. Hier ligt een schat aan herinnering zo voor het grijpen. Het goud en azuur mozaïek is overweldigend. Hier wordt je overbluft! Stil en in volle bewondering loop ik rond. Zo beschadigd als deze kerk is zo bewaard zijn, zijn schatten. En weer voel ik de identificatie. Zo beschadigd als een mens kan zijn, zo bewaard hij zijn schat aan ervaring in volle rijkdom. Dit geeft kracht, dit geeft charme! Ik hou van deze kerk!!! We lopen eruit en vervolgen onze weg naar het plein achter de kerk. Moderne, imposante gebouwen, Prachtige imposante en moderne fonteinen. Waarom dit voorbijstreven als je streeft naar eenheid. Waarom toch het contrast in stand houden. Dit is een verloren inhaalslag lijkt het. Terwijl ik weet en voel dat het oosten meer gewonnen heeft dan dit westen. Maar zoals het oosten zijn grauw verstopt achter graffiti kleuren zo verschuilt dit westen zijn achteruitgaande welvaart achter moderne gebouwen, fonteinen en winkelcentra! Creëert men hier weer aan beide zijde een ander soort muur?

Toch geniet ik van de doordachtheid van de fontein. De gewilde verrassendheid. De speelsheid en de hang naar toekomst van samenzijn in individualisme! Hypocrisie ten top! Doordachte speelsheid! Gespeeld dartel! We lopen het ultramoderne, steriel schone winkelcentrumpje in. Een eerste blik doet me opgaan in houten Nusskracker en koekoeksklokken. Lieve houten speeldoosjes en kerstfiguurtjes. Heksen op bezemstelen en elfjes in sprookjesbomen. En direct tussen dit houten droomwinkeltje en een schreeuwende computergame winkel vol spellen met geweld ontdekken we de winkel van de wapens. De dolken en messen, de geweren en pistolen. Zo te kust en te keur verkrijgbaar! De jongeren die opgehitst door het spelen van de computergames in de naastliggende winkel opgegeild deze winkel binnenstappen en verheerlijkt de spullen bekijken en aanraken. Je ziet in hun blik het idee van??? Het kippenvel staat me op de armen. Stad van tastbare contrasten maar hunkering naar overeenkomst en vrede, waarom dit? Op het plein staat nu een drumstel en twee mannen proberen hun kunsten te vertonen. Gebundelde kunsten en geen gebundelde krachten. We kijken het samen smalend toe en denken aan de gitarist in de metro en de schizofrene man in honden outfit in oost Berlijn. Aan de eerlijk fluitende mus bij ons op tafel.

Ik wil weg! Ik wil weg van de kronkelende messen met ornamenten en de andere bewerkte, gegraveerde moordwapens. Aan de ene kant wordt de muur afgebrokkeld en verkocht aan de andere kant de muur weer opgebouwd en erin geïnvesteerd! Stad van contrasten. Stad van wit en zwart! Stad van oost en west. Stad van je heen en weer geslingerd worden. Stad vol emoties??? Stad van identificatie??? Toch verlaat ik met pijn in mijn hart deze stad. We lopen nog een keer door het westen terug naar de auto. Langs de Zoo, langs het station, langs de kunstacademie en langs de Mensa. De auto in, weg uit Berlijn. Stad waar ik ooit weer terugkeer weet ik nu al! Ik wil deze stad volgen zoals ik mezelf volg. We rijden voorzichtig door druk Berlijn. En met een snik verlaat ik de laatste weg alvorens de snelweg weer op te gaan. De reclameborden die eerst voor me verschenen verdwijnen nu achter me. Ik laat een stad achter me maar neem een stukje mee zoals ik ook een deel van mij hier achterliet en een stukje muur meenam. De weg raast weer aan me voorbij. De hoflijkheid van de verkeersdeelnemer waar ik weer deel van uitmaak. Door de keboing, keboing wegdelen in wording vervolg ik onze weg. Ik wil de stad vasthouden, ik wil het gevoel vasthouden van de afgelopen dagen. En met dat de weg langs raast, de auto voortraast, hou ik mijn gevoel vast! Ik neem het mee verder en verder van?????

Maar hoe dan ook, wie kan mij de weg naar Hamelen vertellen, beter dan dat ik het kan? We zijn afgeslagen en gaan naar Hamelen, richting rattenvanger. De vakantie is nog niet voorbij. Een toegift in petto! Zo rijden we een lieflijk stadje binnen. Authentieke huisjes met hout en beschilderingen. Het lijkt een sprookjesstad maar is dat het ook niet? De rattenvanger van Hamelen. Als een kind volg ik de ratten die op de weg getekend zijn. Overal ratten in de vorm van kunstobjecten. Verrukt huppel ik door deze grote Efteling! Maar dit is echt! We zien het huis van Wilhelm Bush de tekenaar en schrijver van Max en Moritz! We strijken neer in een kleine bar annex restaurant en krijgen de lekkerste Italiaanse gerechten! Dit is pas afscheid nemen van een vakantie!

En zo rijden we richting Nederland. Land zonder grenzen maar vol geschiedenis. Voor het eerst was ik met de herdenking en bevrijding niet thuis. Voor het eerst werkte ik voor mijn gevoel mee aan de ware hereniging. Mijn schoondochter vraagt me onderweg als ze belt of ik het niet raar vond dat ik deze dagen juist in Duitsland was! Aar God lieve kind?? voor het eerst heb ik het gevoel dat ik niet in verleden denkt maar in toekomst. In zoals de wereld bedoelt is te zijn! Wereldvrede ‘het begint in je eigen hart’. Vergeving….’het begint in je eigen hart’.. Hoe zeer ik ook voelde dat ik op de plek stond van hereniging zo voelde ik ook dat elders de scheidingen plaats vonden maar ik voelde ook dat ik ergens begonnen was! Ik kom uitgerust thuis. Bekijk de herinneringen in de vorm van foto’s en probeer op te schrijven wat ik voel. Zie hier een verslag. Een verslag van west naar oost van oost en west! Een verslag van mij. Maar niet zonder slag of stoot!!!!

Break the wall en let’ s build a bridge…………….!!

 

admin

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *