View: 4

Bijna herfst

 Grijs is het buiten! Rust heerst er buiten! Alsof er een stilte heerst voor er iets heel ergs staat te…
Columns

imagesXSP9SZ8O Grijs is het buiten!
Rust heerst er buiten!
Alsof er een stilte heerst voor er iets heel ergs staat te gebeuren.
Onheilspellend gevoel!
Grijs is het buiten!
Grijs en grauw!

Ik voel de Egeïsche tintelingen, voelbaar machteloos, een strijd leveren in mijn lijf.


Ik voel mijn bruine huidskleur verwoedde pogingen doen zich vast geplakt te houden op mijn huid.
Maar het vel laat los in losse schilfers.
Het pigment wordt niet langer meer gevoed.
Het laatste bruin verdwijnt.

Herinneringen aan beelden van andere culturen vervagen.
Ik voel mezelf krampachtig worstelen met het vasthouden van een vakantiegevoel.
Het ‘alles mag’ is in een heftige touwtrekwedstrijd verwikkeld met zijn concurrent ‘alles moet’.
Grijs is het buiten.
Grijs en grauw!
De wereld is haar kleur aan het verliezen.

Ze ligt uitgebloeid als een uit elkaar gerafeld sprei op de grond.
Slechts een enkel bloemblad probeert haar niet te winnen strijd vol te houden.
Maar haar kleur valt in het niet tegen het massale grauw.

Het boomblad perst met explosieve maar allerlaatste kracht een felrode gele of oranje kleur door haar bladgroen heen.
Maar de kracht mat af.
Verlies van boom en blad.
Grijze grauwe kleurloze wereld.
Ik ben niet de enige die een strijd levert.
Ik zie achter de deken van grauw, de zon met haar laatste krachten, proberen door te breken.
Scheuren te maken in een veel te dik, krachtig vers gebreid, grijs weefsel.
De wind is haar vriend.
Zij drijft en drijft.
Niet langer uit het zuiden wil zij komen.
Het noorden is haar thuis.
Koude wil hij ons brengen.

Nu ben ik aan de beurt, lijkt hij te denken.
Geen zacht zomerbriesje meer maar krachtige rukwinden en koudere fronten.
Heel af en toe, als de zon alles op alles zet, lukt het haar.
Maar ze is moe en kracht neemt snel af.
Zij weet!
Zij weet dat haar tijd om is.
Zij trekt zich terug, verder en verder naar beneden.

Van hoog aan de hemel naar verder en lager van ons vandaan.
Zij weet dat vechten zinloos is.
Haar levenscyclus kent vele seizoenen.
Vier per jaar.
Het einde van haar leven is nog lang niet in zicht.
Er zullen er dus nog meer volgen.
Maar de zon is ook een ‘pleaser’, een ‘gever’.

De zon is bang tekort te doen, bang het niemand naar de zin te kunnen maken.
Ze zal daarom, in kracht verminderd, toch steeds haar gezicht laten zien daar waar de wind het van haar wint.
‘Ik laat jullie niet in de steek, straks als mijn accu weer opgeladen is dan kom ik terug, sterker, krachtiger dan nu’.
En, mijn eigen strijd nog leverend, denk ik alleen maar: ‘het is niet eerlijk, de zon heeft meer vakantie dan ik’!

En eventjes voel ik me dan toch verwant met de wind.
Zijn vakantie zit er ook op.
Aan het werk zal hij moeten.
Hij mag niet meer.
Hij moet ook!

De wereld sterft even af.
Ik sterf even mee.
Maar het zal maar eventjes zijn!
Want ik blijf een mens van seizoenen.
Als een kameleon camoufleer, metamorfoseer en kleur ik mee.
Het is een langzame maar vooral tijdelijke dood die ik sterf.

admin

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *